woensdag 18 januari 2012

Een scooter, een huis, een baan (of twee)

[Voorwoord]Het is voor mij niet gemakkelijk om een blog bij te houden. Een verhaal schrijven dat interessant genoeg is om te lezen kost moeite, en na een dag lesgeven en thuis nieuwe lessen voorbereiden, kan ik die moeite meestal niet opbrengen. Dat wil niet zeggen dat ik het vergeten ben, of dat er hier niets gebeurd dat het vertellen waard is (dat laatste is zeker niet waar), maar het vergt energie en tijd; dingen waaraan het mij regelmatig ontbreekt. Oh, en laten we niet vergeten: ik ben lui. Laat ik dus geen valse beloften meer maken aan jullie of mezelf ("ja, volgende week heb/maak ik tijd, dan ga ik wat uploaden"): ik zal misschien één keer in de twee maanden een fatsoenlijk stuk bloggen. Foto's komen waarschijnlijk wel eerder online, ofwel op de Picasa site (zie blog) of op Facebook.

Oktober 2011, Hanoi.Mijn leventje in deze metropool ging behoorlijk vlot van start. Het begon met een -- inmiddels voor mij vertrouwd -- potje verstoppertje/rondje leugens voor de ouders van mijn vriendin. Rond half één 's nachts kwam ik bij Dungs huis aan en om zeven uur 's ochtends stonden deze vriendelijke mensen al weer voor de deur. Ditmaal was hun komst gelukkig even van te voren aangekondigd, zodat wij ons konden voorbereiden. De oplossing: alle tassen en koffers bij de deur zetten, en beweren dat ik zojuist was gearriveerd. Ik had voor mijn gevoel nauwelijks geslapen, dus een vermoeid gezicht opzetten (om ze te overtuigen dat ik net een lange reis achter de rug had) kostte me weinig moeite. Ondanks de gezelligheid aan de ontbijttafe.. eh ontbijt-vloerkleed, wilde ik toch liever snel een plekje voor mezelf vinden. Hoe eerder ik hier op eigen benen kon staan, hoe beter. Het eerste dat geregeld werd was eigen vervoer: de scooter van Dungs zwager. Hij had er op het moment twee, en dat was één meer dan hij tegelijkertijd rijden kan, dus tja. Er moest wel het een en ander aangepast worden (slot vervangen, remmen bijstellen, nieuwe spiegels erop zetten, nieuwe koplamp en sowieso een wasbeurt), maar verder was het een prima ding. Bovendien betaal ik er verder niets voor, wat op zich al reden genoeg is om niet te klagen.




Het vinden van een eigen adres ging al net zo vlot: na een paar dagen advertenties lezen, vond ik een mooi huis, zo'n 10 minuten lopen van mijn vriendin vandaan, waar twee andere buitenlanders een nieuwe huisgenoot zochten. Ik reageerde direct en mocht ook dezelfde week nog langskomen voor een 'interview'; geen gekke hospiteervragen, maar gewoon een gezellig gesprek. Dung en ik waren nog geen vijf minuten thuis of ik werd al teruggebeld. Als ik 'm nog wilde, was de kamer voor mij. Dat was op vrijdag. Maandag zette ik de eerste boeken in de kast.
Mijn kamer is heel wat kleiner dan de andere twee, maar ach, ik heb niet veel ruimte nodig. Het uitzicht is van een school tegenover (d.w.z. de betonnen muur ervan, die zo dichtbij is dat ik 'm aan zou kunnen raken), maar ach, er wordt daar Japanse les gegeven, dus dat is niet heel storend. De badkamer is een standaard Vietnamees geval: een losse douchekop hangt tussen de wc en de wasbak, maar ach, ik heb deze badkamer wel helemaal voor mezelf. Het internet is niet erg snel, maar a.. nee, sh*t. Internet heb ik hard nodig! Gelukkig hebben we al besloten dat we daar wat aan gaan doen. Een extra router en/of nieuwe provider zal hopelijk verbetering brengen. Verder is het huis prima. Mooi balkon op de 4e verdieping voor de zomerse avonden, en een goed uitgeruste tv kamer (grote tv, dvd-speler + veel films en series, games en het belangrijkste: een karaoke machine) voor alle andere. We hebben uiteraard een keuken die van alle gemakken is voorzien, en een zithoek in de hal die nooit gebruikt wordt. Ook fijn: de schoonmaakster. Drie keer per week komt er iemand langs die de was doet, strijkt, afwast en de vloeren dweilt.


Het huis aan de buitenkant (eerste links) en aan de binnenkant

Het vinden van ingrediënt 3 uit de titel van dit stuk - werk - was ook geen probleem. Toen ik een huis vond binnen een week en daar 750 USD voor moest overhandigen (huur wordt hier per 3 maanden betaalt) raakte ik even in paniek, maar gelukkig had ik een week later al een baan bij twee scholen. Hoe? Dankzij de juiste connecties natuurlijk! Dung kende iemand op de Nationale Universiteit (departement van Talen en Internationale Studies) die een goed woordje voor mij heeft gedaan bij de vice-president, die mij vervolgens een baan als docent Engels aanbood. Daarnaast runt onze contactpersoon zelf ook een talenschool waar ze mij meteen ook een baan aanbood. Beide kansen heb ik met beide handen aangepakt. De universiteit ligt op slechts 10min rijden van mijn huis, en ik kon er per direct voor 19 uur per week aan de slag. Het salaris is wel wat laag, zeker vergeleken met de privé school die het bijna het dubbele betaalt, maar het is toch nog bijna het dubbele van wat een Vietnamese docent krijgt - voor exact hetzelfde werk. Enige minpuntje aan het werk op de andere school is dat het een beetje ver is, en het verkeer in Hanoi absolute hel is rond spitsuren. Over alle frustratie, angst en woede daaromtrend schrijf ik later nog wel een tergend lang stuk. [UPDATE: dit staat nu hier online]


Gebouw B3 (links) en A2 (rechts), waar ik lesgeef.

Goed, en wat is er verder nog gebeurd in oktober? vraag je je misschien (niet) af. Dat zal ik je vertellen. De dag na mijn aankomst in Hanoi was het "Vietnamese Vrouwendag". Er bestaat al een Internationale Vrouwendag, maar in Vietnam vond men dat de Vrouw nog een extra dagje aandacht verdient. Dit betekende in mijn geval dat ik naar een 'muziekgelegenheid' (Hanoi Rock City is moeilijk te labelen; niet echt een dansclub, maar ook geen bar) ging waar ze speciaal voor de gelegenheid de rode loper hadden uitgerold. Eerste drankje was gratis, dresscode was semi-formeel, dames en heren hadden ieder hun eigen ingang. Dit omdat de dames er een beetje make-up kregen en een professionele fotoshoot - van 1 foto, welke op een groot scherm vertoond werd in het buitengedeelte - en de heren een klein bosje bloemen om aan hun favoriete dame van de avond te geven. De muziek was top daar, eventjes voelde het weer alsof ik in de Next stond. Waarmee ik bedoel; het was een heel klein zaaltje, waar 1 DJ enthousiast stond te draaien en slechts 2 mensen op de dansvloer stonden. Ik had graag het feest doorgezet, maar jammer genoeg wilde het gezelschap waar ik mee was gekomen al na vijf minuten weer naar huis... het zijn niet echt Bunzingen.

Wel een hele bekende wandschildering bij HRC

Daaropvolgende dagen ben ik op familiebezoekjes geweest, heb ik een prettig weerzien gehad met enkele vrienden uit Japan, en ben ik verschillende keren naar de bioscoop geweest. Ik was van plan daar zo regelmatig heen te gaan dat ik maar meteen een klantenkaart heb aangemaakt. Standaard 5% korting, na 10 stempels (filmkaartjes kopen, 1 stempel per bezoek) wordt dit opgewaardeerd tot 10%. Nu (3 maanden later) nog steeds maar 4 stempels op staan...

Tot slot ben ik die maand naar de eerste in een hele reeks van bruiloften geweest. Wanneer je in Vietnam klaar bent met je studie, is het redelijk gebruikelijk dat je gaat trouwen. Vele oud-klasgenoten en vriend(inn)en van mijn vriendin hebben nu een partner gevonden, en zodoende ben ik in de afgelopen 2 maanden te gast geweest bij maar liefst 7 recepties. De herfst is schijnbaar een populair seizoen hiervoor. Deze feesten zijn veelal een enorme geldsmijterij met honderden genodigden, veel meer eten dan tweemaal het aantal gasten op zou kunnen eten, wat vuurwerk en slide-show presentaties van huwelijksfoto's op grote schermen. Persoonlijk vind ik het allemaal nogal overdreven, maar dat laat niet weg dat het eten overheerlijk is. Op een enkele bonkende hoofdpijn na - wellicht een gevolg van de combi alcohol + overmatig gebruik van MSG in de keuken - beleef ik daar doorgaans het meeste plezier aan op bruiloften.



...word vervolgd...

zaterdag 31 december 2011

Een nieuwe start

Eindelijk... ik heb de tijd gevonden (nou ja, genomen) om jullie iets te vertellen: Ik woon en werk in Vietnam!

Goed, nu het belangrijkste nieuws eruit is, volgen hier wat kleinigheden*.

Mijn lange tocht naar het verre oosten begon op 18 oktober 2011, met wat een simpele vlucht naar Moskou had moeten zijn. Natuurlijk had ik enkele minder positieve dingen gehoord over een zekere Russische maatschappij (hint: begint met 'A' eindigt op 'eroflot'), maar ik hoopte tegen beter weten in dat alles voor mij wel soepel zou gaan. Dat ging het ook, tot op het moment dat we in het vliegtuig zaten. En daar wat langer zaten. En toen nog wat langer... Uiteindelijk stegen we een uur later op dan de bedoeling was, wat -met slechts 1,5 uur overstaptijd in Moskou- wel eens een probleem kon zijn, dacht ik bij mezelf. Maar gelukkig landden we toch om half 8 al in Moskou, met dus nog een half uur om ons naar de volgende gate te verplaatsen. Als de eeuwige optimist die ik ben, dacht ik dat mooi voor elkaar te hebben. Niets was minder waar. Nadat ik het vliegtuig heb verlaten kom ik namelijk bij de transfer-balie aan waar mij verteld wordt dat mijn ticket omgeboekt is. Nieuwe bestemming: Beijing/Peking. Ik slaak een diepe zucht, vertel mezelf dat het echt zo erg niet is, en loop door alle nodige controlepoortjes. Eenmaal daar voorbij besef ik mij plots dat mijn koffers direct naar Hanoi gestuurd zouden worden. Wat gaat daarmee gebeuren? Mag ik niet mee met de vlucht die ik zou moeten hebben en nog best zou kunnen halen, maar worden mijn spullen wel ingeladen? Of wordt, omdat ik door de maatschappij gedumpt ben in Rusland, mijn koffer ook buiten boord gezet? Ik besloot het even te vragen aan iemand van het personeel, maar dat leverde weinig informatie op. Men spreekt daar uiteraard geen Engels. Want waarom zou je, als je op een grote internationale luchthaven werkt. Toen ik (na de genegeerde vraag of iemand wist waar mijn koffers waren) vroeg of iemand mij kon helpen, werd mij een zo onaardige "no English" toegegromd, dat ik het idee kreeg een postbode te zijn die een brief probeert af te geven aan waakhond met een slechte dag. Nul procent kans van slagen. Dan zelf maar wat proberen.
Even kijken bij 'Departures'... ja, mijn vluchtnummer staat erbij, dus op naar de betreffende Gate.

"F" staat voor "Fuck you, Foreigners"

Binnensmonds vloekend begon ik vervolgens naar de andere kant van het vliegveld te lopen, maar dat duurde veel langer dan gedacht. In plaats van de gates bij elkaar te plaatsen, heeft iemand het geniale idee gehad om tussen elke gate een compleet winkelcentrum te bouwen. Om 20:00 exact kom ik bij de juiste gate aan, waar niemand meer staat, omdat deze vlucht uiteraard exact op tijd vertrekt. Had ik kunnen zien aankomen. De hele zooi nog veel harder vervloekend dan op de heenweg loop ik terug naar waar ik vandaan kwam. Bij navraag bij personeel van een andere vliegtuigmaatschappij blijkt er wel een balie te zijn waar ik om 'hulp' zou kunnen vragen, maar daar aangekomen blijkt ook dat de mensen het woord 'hulp' wat losser hanteren dan ik. Toegegeven, men sprak er meer Engels dan bij de gates, maar nog steeds niet genoeg om mijn uiterst gecompliceerde vraag "in welk vliegtuig zit mijn koffer?" te kunnen begrijpen. Na vijf minuten luisteren naar verschillende antwoorden op vragen die ik niet gesteld had, besloot ik het maar op te geven. Terwijl ik aan de dame achter de balie mijn probleem duidelijk probeerde maken, stonden er naast mij twee andere Nederlanders met hetzelfde probleem. Met hen ben ik toen gaan wachten op de volgende vlucht. Eindelijk wat gezelschap dat me wel begreep.

Na een erg lange en erg gezellige vlucht arriveerden we de volgende ochtend in China, waar we zo'n zeven uur hadden voor onze volgende vlucht vertrekken zou. Wat doe je dan? Dan ga je de stad in! We kregen vanwege de lange wachttijd een ééndagsvisum en konden dus de omgeving gaan verkennen. Onze drietal was inmiddels uitgebreid met een vierde persoon: meneer Ngọc. Ook hij was op weg naar Hanoi, maar hij had naast de andere ellende het extra probleem dat hij zelf geen Engels sprak. Vandaar dat, toen ik hem in het handjevol woorden Vietnamees dat ik ken vertelde dat wij dezelfde bestemming hadden, hij zich als een drenkeling in een storm aan mij vastklampte. Hij had zelfs een bordje in zijn tas waarop stond "Please help me to get to Hanoi". Had zijn zoon voor hem gemaakt, zo bleek. Een zoon die gelukkig wel Engels sprak. Na wat telefonisch tolken tussen Ngoc, diens zoon, en mij en mijn vriendin, stemde hij in met ons plan een trein richting centrum te nemen. Zo gezegd, zo gedaan: een korte blik op de kaart, en drie kwartier later stonden wij allen bij de ingang van de "Llama Tempel" (ook wel Yōnghégōng (vrede & harmonie) tempel).



De poort en het hoofdgebouw

Een groots en indrukwekkend complex, met als pronkstuk een (als ik het me juist herinner) 26m hoog Amida Boeddha beeld. Ik denk dat we er in totaal zo'n twee uur hebben rondgelopen. Meneer Ngoc had weinig behoefte deze tempel te bekijken, dus hij was zo vriendelijk om op al onze tassen te letten. Eenmaal uitgekeken liepen we weer richting het treinstation op zoek naar lunch. Het ene na het andere lokale eetcafé werd door mijn reisgenoten afgewezen, en uiteindelijk viel de keus op een protserig uitziend en druk Chinees restaurant. Het eten was lang niet zo indrukwekkend als het gebouw: Ik had verschillende kleine gerechten besteld, maar geen van alle met smaak. Maar honger maakt rauwe bonen zoet, dus aten we onze bordjes leeg en vertrokken met een iets vollere maag en legere portemonnee weer naar het vliegveld.

Dit was dan de vlucht die ons naar Hanoi zou brengen, dachten we. Op het bord van "vertrekkende vluchten" stond echter dat deze 'via' Guanghzou zou gaan. Betekent dat nog een tussenstop? Ja. Na enkele uurtjes vliegen landden we opnieuw in China en mochten het vliegtuig uit om opnieuw door drie controle poortjes te lopen alvorens hetzelfde vliegtuig weer in te stappen. Pas om 23:30 (i.p.v. de geplande 08:10) stond ik op Vietnamees grondgebied. Daar was het natuurlijk nog de vraag waar onze baggage gebleven was... doorgestuurd of achtergelaten? Doorgestuurd, zo bleek, maar niet zoals verwacht. Bij aankomst stonden onze koffers netjes te wachten bij de gevonden voorwerpen hoek, maar een blik op de tags toonde dat ze niet de 'directe' Amsterdam-Moskou-Hanoi route hadden genomen, maar ons gevolgd waren via Peking! Met een grote sticker met "spoed" erop, waren de koffers ons voorbij gevlogen en arriveerden zo vóór ons. Weer goed gehumeurd stapte ik in de taxi, op weg naar wat welverdiende rust.



(* ik had dit veel korter willen houden, maar leven in Hanoi brengt mij zo nu en dan in de stemming om te klagen, en zodra ik dat doe word ik nogal langdradig... zodoende is dit verhaal tot mijn heenreis beperkt gebleven. Volgende keer meer!)